Met de Franse slag

Ik hoef alleen maar naar mezelf te kijken om het te kunnen beamen: de kennis van het Frans gaat erop achteruit. Frans lezen lukt me nog wel, maar gesprekken volgen en zelf Frans spreken is andere koek. Aan mijn schooltijd ligt het niet, want ik heb behoorlijk veel Franse les gehad. Maar de dagelijkse praktijk ontbreekt en dat merk ik.

Ik merk ook dat jongere Vlamingen dan ik – ik heb tot mijn vreugde en verbijstering gezien dat ik volgens mijn vakantiestaat recht op een leeftijdsdag heb – steeds meer moeite met Frans hebben. En dat beginnen we langzamerhand ook in onze programma’s te merken.

Door het bizarre weer van de afgelopen weken liepen Waalse dorpen onder water, als ze al niet ondersneeuwden, en zitten er nog steeds diepe gaten in de weg. Lang geleden dat we nog zo vaak zo veel Franse namen hebben moeten uitspreken. En dat was ook te merken.

Toegegeven, Ophain ziet er misleidend uit met die ph in het midden, ook voor Franstaligen. Maar je spreekt het wel degelijk met een p en niet met een f uit. Dat geldt ook voor Opheylissem, een deelgemeente van Hélécine, want dat is net als Neerheylissem gewoon Nederlands.

Op de e van Feluy staat geen accent aigu, je zegt dan ook niet ‘fee-lwie’. In Feluy zit een sjwa, net zoals in Bretagne. Beez schrijf je met een z, maar die spreek je niet uit. In Lasne spreek je de s niet uit, in Crisnée wel. In Aywaille hoor je geen van beide l’en, het rijmt op waai. Het eerste deel van Genval spreek je uit als ‘zjen’ en niet zoals in ‘les gens’, en het eerste deel van Neufchâteau mag dan wel ‘neuf’ zijn, je zegt ‘neu’.

Sla nu niet meteen in paniek. Ik verwacht niet dat iedereen weet hoe je Beauwelz, Cuesmes, Esplechin, Estaimpuis, Fauroeulx, Houdeng-Goegnies, Xhendremael en Xhoris uitspreekt. Daarom heb ik het ook allemaal uitgezocht en in de uitspraakbank van VRTtaal.net gezet. Gebruik hem en maak je er niet met de Franse slag van af.