De tatie naar de natie

“Een van de taalproblemen waar ik geregeld mee kamp, is de uitgang ‘‑atie’ of ‘‑ering’ bij bv. federalisatie, federalisering, rationalisatie, rationalisering. Ik gooi ze voortdurend door mekaar en weet niet of er regeltjes voor bestaan. Weet jij raad?” Natuurlijk, beste collega. Zet je schrap.

Bestaat er in het Frans een afleiding op ‘‑ation’, dan is er in het Nederlands een lichte voorkeur voor ‘‑atie’: ‘adaptatie’, ‘collaboratie’, ‘complicatie’, ‘organisatie’. Maar we hebben het over ‘soldering’, omdat er in het Frans geen vergelijkbare vorm bestaat. Voor alle duidelijkheid: ‘soldering’ slaat op het aan elkaar vastmaken van stukken metaal, niet op koopjes.

Bij nieuwere werkwoorden heeft ‘‑ering’ de voorkeur. Die vorm klinkt ook heel wat actiever dan ‘‑atie’. Zo riep de oppositie er in 1998 toe op een eind te maken aan de ‘balkanisering’ van het politieke landschap. Je ziet het bijna in stukken uit elkaar vallen.

Als zowel ‘‑ering’ als ‘‑atie’ mogelijk is, dan is er soms een geografisch verschil in voorkeur. In België worden makkelijker vormen op ‘‑atie’ gebruikt. De invloed van het Frans – hoef ik het eigenlijk nog te zeggen? – is nooit veraf. Bij ‘reservering-reservatie’ zie je het verschil heel duidelijk. In Nederland vind je negen op de tien keer ‘reservering’, in België ‘reservatie’. ‘Constatatie’ is in Nederland zelfs helemaal onbekend, in België komt het even vaak voor als ‘constatering’.

Soms is er een verschil in betekenis, zodat je helemaal geen keus hebt. Dat geldt bijvoorbeeld bij ‘situering-situatie’, ‘notering-notatie’, ‘motivering-motivatie’.

Concreet nu. ‘Federalisering’ of ‘federalisatie’? ‘Nationalisering’ of ‘nationalisatie’? Volgens de spraakkunstregels kan het allebei, maar ik zou de vormen op ‘‑ering’ kiezen. ‘Federalisering’ en ‘rationalisering’ geven beter aan dat het om een lopend proces gaat én het klinkt Nederlandser en moderner.